Hoe meten wij de schapenvachten?


Achterkant
Voor alle schapenvachten geldt dat we ze op de achterkant meten. Op het vel dus.
De wol is dus niet meegenomen in de maat.
Dit betekent dat de schapenvacht aan de voorkant, de zichtbare kant, altijd groter is.
 Meting bonte vachten en schapenvachten in de opruiming
We meten de bonte schapenvachten en de vachten in de opruiming:
  • van de kop naar het einde van de langste poot
  • van links naar rechts op het breedste punt

Vervolgens ronden we de maat tot een duidelijk getal naar beneden af:
114 cm wordt 110 cm, 78 cm wordt 75 cm.
Is de breedte 70 cm dan blijft dat natuurlijk 70 cm.

Voorbeeld:
Bij een schapenvacht staat: grootte 110 x 75 cm.
  • 110 cm is lijn 1 op de foto hiernaast
  • 75 cm is lijn 2 op de foto hiernaast
 

Meting overige schapenvachten

Alle andere vachten zijn alleen in de lengte gemeten. Zouden we van al deze vachten ook de breedtemaat noemen, dan zou de lijst onleesbaar worden.
Gemiddeld gezien is de breedte van een vacht de helft van de lengte (plus of min 10 cm).

De lengtematen zijn in categorieën ingedeeld:
  • 90 - 100 cm (maat xxs)
  • 100 - 110 (maat xs)
  • 110 - 120 (maat s)
  • 120 - 130 (maat m)
  • 130 - 140 cm (maat l)
  • 140 - 150 cm (maat xl)
  • groter dan 150 cm (maat xxl)


Omdat schapenvachten natuurproducten zijn, zijn niet altijd alle afmetingen verkrijgbaar.